Auteursrechten
Henk van Mierlo is lid van de DuPho Beroeps Fotografen Nederland

Wanneer u iets origineels heeft gemaakt, wilt u natuurlijk niet dat iemand anders daar zomaar mee vandoor kan gaan. Daarom is het auteursrecht in het leven geroepen. Het auteursrecht maakt het mogelijk dat iedereen die werken creëert als enige mag beslissen over de exploitatie van die werken en dat die werken bovendien worden beschermd tegen misbruik door anderen. Mede dankzij het auteursrecht blijven mensen creatief. In artikel 1 van de Auteurswet 1912 wordt het auteursrecht als volgt omschreven: «Het auteursrecht is het uit sluitend recht van de maker van een werk van letterkunde, wetenschap of kunst, of van diens rechtverkrijgenden, om dit openbaar te maken en te verveelvoudigen, behoudens de beperkingen, bij de wet gesteld.» In eerste instantie komt het auteursrecht op zo’n werk toe aan de maker van het werk, en wel vanaf het moment dat hij of zij het werk gemaakt heeft. Het auteursrecht hoeft niet altijd in handen van die maker te blijven. Het recht kan namelijk overgaan op iemand anders, bijvoorbeeld als de maker zijn of haar auteursrecht verkoopt. Als de maker het auteursrecht altijd zelf heeft gehouden, dan zal het uiteindelijk in handen komen van zijn of haar erfgenamen. Degene die het auteursrecht krijgt overgedragen of erft, is vanaf dat moment de nieuwe ‘auteursrechthebbende’ op het werk. Wie auteursrecht heeft op een werk beschikt over twee exclusieve rechten: het alleenrecht om het beschermde werk openbaar te maken en het alleenrecht om het te verveelvoudigen. Dat betekent dus dat ieder ander dan de auteursrechthebbende niet zomaar op eigen houtje het beschermde werk mag gaan openbaar maken en/of verveelvoudigen. Daarvoor is - in beginsel - de voorafgaande toestemming van de auteursrechthebbende nodig. Die heeft immers als enige de auteursrechtelijke zeggenschap over het werk. Naast de hierboven genoemde exploitatierechten krijgt elke maker van een werk een paar persoonlijkheidsrechten. Die rechten, die ook wel ‘morele rechten’ worden genoemd, kunnen niet in handen van iemand anders komen en blijven dus bij de maker, ook als de maker zijn of haar auteursrecht (dus het openbaarmakings- en verveelvoudigingsrecht) aan een ander zou hebben verkocht. Het auteursrecht is een onderdeel van het rechtsgebied dat het ‘intellectuele eigendomsrecht’ wordt genoemd. Daartoe behoren naast het auteursrecht en de daarop lijkende naburige rechten ook het merkenrecht, het octrooirecht, het modellenrecht en het handelsnaamrecht.

Hoe ontstaat auteursrecht?
Louter door een werk in de zin van de Auteurswet – dus een werk van letterkunde, wetenschap of kunst – te maken, komt er op dat werk auteursrecht te rusten. Dat geldt ook indien het werk misschien nog niet helemaal af is. Ook een ‘kladje’ of een niet helemaal gelukte of zelfs afgekeurde voorstudie kan best een ‘werk’ zijn dat voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking komt. De bescherming ontstaat dus helemaal automatisch(en gratis). Het is dus niet nodig - en bovendien niet eens mogelijk - om auteursrecht aan te vragen, of in een register te laten inschrijven, of om uw werk te voorzien van woorden als ‘auteursrecht voorbehouden’. Om de buitenwereld te laten weten dat u de maker van het werk bent (en daarmee dus ook de uteursrechthebbende) kunt u natuurlijk wel uw naam en de datum waarop u het werk gemaakt heeft bij of op het werk vermelden.U zou ook een zogenaamde ‘copyright notice’ op uw werk kunnen aanbrengen: de welbekende © (de c van copyright in een cirkel), gevolgd door uw naam. Daarmee geeft u in feite aan dat u de maker/auteurs-rechthebbende bent van het werk en dat u daar ook belang aan hecht. Bovendien wordt het daarmee iets duidelijker dat u degene bent aan wie toestemming zou moeten worden gevraagd om uw werk op een of andere wijze openbaar te maken of te verveelvoudigen. Want daarover hebt u als enige de zeggenschap!Omdat er in Nederland (en in de meeste andere landen ter wereld) niet zoiets bestaat als een register waar auteursrechten kunnen worden vastgelegd, is het soms lastig om te bewijzen dat u het auteursrecht op een werk heeft. Er zijn wel enkele mogelijkheden om uw bewijspositie met betrekking tot het tijdstip waarop u het werk gemaakt heeft te versterken. Zie daarvoor: Hoe kan ik bewijzen dat ik auteursrecht heb?

De Maker
Het door de Auteurswet gehanteerde begrip maker is soms verwarrend. De maker van een roman in auteursrechtelijke zin is de schrijver, de schepper van het verhaal en niet de drukker die het boek in technische zin maakt. Hetzelfde geldt voor een bouwwerk: de architect is de schepper en daarmee de auteursrechtelijke maker. De aannemer, metselaar en timmerman vervaardigen slechts in technische zin het werk van de architect. Uitzondering. Er bestaat een belangrijke uitzondering als het werk in dienstverband wordt gemaakt. In dat geval geldt, volgens de Auteurswet, de werkgever als de maker van al die werken die door de werknemers in dienstverband zijn gemaakt. Omdat de werkgever als ‘maker’ wordt aangemerkt, verwerft deze automatisch daarmee ook het auteursrecht.

Waarop kunt u auteursrecht hebben?
De Auteurswet biedt bescherming aan de makers van scheppingen/creaties die in de wet ‘werken van letterkunde, wetenschap of kunst’ worden genoemd. Het betreft alle voort brengselen op het gebied van letterkunde, wetenschap of kunst. De literaire of wetenschappelijke waarde of de artisticiteit van het werk, mooi of lelijk, kunst of kitsch, doen er in het auteurs recht niet toe. Het is ook niet van belang of het om een privé of beroepsmatig gemaakt werk gaat. Wel zijn er twee algemene voorwaarden waaraan het werk moet voldoen wil het auteursrechtelijk beschermd kunnen zijn:

Origineel karakter
Het werk moet een eigen, persoonlijk karakter hebben. Het moet origineel zijn. Er is al sprake van originaliteit als het bijna niet mogelijk is dat verschillende mensen geheel onafhankelijk van elkaar tot dezelfde creatie zouden komen, zoals hetzelfde verhaal of precies dezelfde muziek.

Zintuiglijk waarneembaar
Behalve origineel moet de creatie ook zintuiglijk waarneembaar zijn, dus te zien, te lezen of te horen zijn. Een melodietje in iemands hoofd kan niet beschermd worden, maar als dit gekrabbeld staat op de achterkant van een bierviltje wél.

Voorbeelden
Voorbeelden van werken die auteurs rechtelijk beschermd kunnen zijn:
alle geschriften zoals romans, novellen, (Sinter klaas-) gedichten, brieven, opstellen, dagboeken,
top-10 lijsten, notulen, telefoongidsen, advertenties en slagzinnen
muzikale composities
toneelwerken, choreografieën en pantomimes
redevoeringen, voordrachten en conferences
films en videoclips
schilderijen, tekeningen, (spot-)prenten, strips, grafische werken
bouwtekeningen, aardrijkskundige kaarten (landkaarten, stadsplattegronden)
bankbiljetten
architectonische werken
foto’s
werken van beeldende kunst
producten van industriële of ambachtelijke vormgeving
sieraden
computersoft ware

Fotograaf
Als fotograaf krijgt u automatisch auteursrecht op al uw foto’s. Dit houdt onder andere in dat alleen u beslist wat er mee mag gebeuren. Als u anderen daarvoor toestemming geeft, mogen de foto’s gebruikt worden in bijvoorbeeld (school)boeken, op posters en ansichtkaarten, of in een (cd) boekje. U kunt aan deze toestemming financiële voorwaarden verbinden. Eigenlijk verkoopt u een licentie voor een bepaald gebruik, tijdsduur en plaats. Het is belangrijk de voorwaarden van de licentie zorgvuldig met elkaar af te spreken en, bij voorkeur schriftelijk, vast te leggen.nU behoudt altijd uw persoonlijkheidsrecht!

Beeldend kunstenaar
Werken van beeldende kunst (zoals tekeningen, schilderijen, mozaïeken, beeldhouwwerken, lithografieën, bouwwerken, graveerwerken, houtsneden, plaatwerken en linoleumsneden) kunnen auteursrechtelijk beschermd zijn. In dat geval is de hoofdregel dat niemand zonder de toestemming van de maker zo’n werk mag verveelvoudigen en/of openbaar maken. Geen auteursrecht rust op vormgeving die duidelijk functioneel bepaald is, op technische vondsten, op een nieuwe wijze van toepassing van bepaalde (nieuwe) materialen en op vormgeving die rechtstreeks voortvloeit uit bouwvoorschriften van de overheid. In bepaalde gevallen kan daarop wel het modellenrecht of het octrooirecht van toepassing zijn. De auteursrechtelijke zeggenschap over het verveelvoudigen en openbaar maken van beschermde werken van beeldende kunst of van bouwkunst die gemaakt zijn om permanent (voor onbepaalde tijd of langdurig) in openbare plaatsen (openbare weg, openbare gebouwen) te worden geplaatst is enigszins beperkt. Zo mogen afbeeldingen (zoals tekeningen en foto’s) van die werken zonder voorafgaande toestemming van de betrokken auteursrecht-hebbende worden verveelvoudigd en openbaar gemaakt, als het maar gaat om afbeeldingen van het werk zoals het zich daar bevindt (herkenbaar in de context van zijn omgeving). De achterliggende gedachte is dat die werken tot op zekere hoogte tot het ‘publieke domein’ behoren. Voor teken-, schilder-, bouw- en beeldhouwwerken en werken van toegepaste kunst geldt het volgende: tenzij van tevoren met de betrokken auteursrechthebbende iets anders is afgesproken, mag de eigenaar / bezitter / houder van zo’n werk dat verveelvoudigen en/of openbaar maken voor zover dat noodzakelijk is voor de openbare tentoonstelling of openbare verkopen daarvan. Tenzij van tevoren daarover iets anders is afgesproken, blijft de maker van een schilderwerk, ook na de overdracht van zijn auteursrecht aan een ander, bevoegd om precies dezelfde schilderwerken te maken.
Het bovenstaande is onder meer terug te vinden in de artikelen 10, 16, 18, 23 en 24 van de Auteurswet.

Wat regelt het auteursrecht?
Het auteursrecht regelt voor auteurs drie belangrijke begrippen:
Verveelvoudigen Verveelvoudigen is allereerst het maken van identieke exemplaren van een werk bijvoorbeeld een tekst, muziekstuk, schilderij of foto), ook wel vermenigvuldigen genoemd. Dat kan o.a. door reproduceren, overschrijven, (foto)kopiëren, afdrukken, branden, het maken van afgietsels, het opslaan in databanken en het op de harde schijf van de computer zetten. Daarnaast verstaat de Auteurswet onder verveelvoudigen ook het maken van een bewerking, bijvoorbeeld het vertalen van een boek, het maken van een muziek-arrangement, het verfilmen en het bewerken van een roman tot een toneelstuk. In het algemeen valt iedere gehele of gedeeltelijke bewerking of nabootsing van een werk in gewijzigde vorm onder het begrip verveelvoudiging.

Openbaar maken
Bij openbaar maken gaat het om het beschikbaar stellen van het werk of van een verveelvoudiging ervan aan het publiek. Zo zijn bijvoorbeeld het uitzenden, tentoonstellen, laten horen, opvoeren, uitvoeren, vertonen, in druk laten verschijnen, verkopen en uploaden op Internet vormen van openbaarmaking.

Persoonlijkheidsrechten
Tussen de maker en zijn werk bestaat een nauwe, persoonlijke band. De Auteurswet bevat bepalingen die deze band beschermen. De wet kent hierdoor een aantal specifieke rechten, de persoonlijkheidsrechten, die vooral de ideële belangen van de maker beschermen. Persoonlijkheidsrechten zijn niet aan iemand anders over te dragen. U houdt altijd uw persoonlijkheidsrechten, ook als u door bijvoorbeeld een licentie of verkoop de rest van uw rechten heeft overgedragen. Als maker hoeft u bijvoorbeeld niet te dulden dat de uitgever uw verhaal zo verandert of vervormt, dat u er redelijkerwijs niet meer achter kunt staan. U kunt ook optreden als het verhaal onder andermans naam verschijnt en u verzetten tegen eventuele aantastingen van uw werk door de exploitant ervan.

Overdracht en licentie
De oorspronkelijke maker kan zijn auteursrecht op zijn werk overdragen aan een andere persoon of organisatie, bijvoorbeeld aan een uitgever, omroep, toneelgezelschap, museum, film-, video- of grammofoonplatenproducent. Overdracht van auteursrecht moet in een schriftelijk stuk, een akte, worden vastgelegd. Zonder zo’n akte kan er geen sprake zijn van auteursrechtoverdracht.Het kenmerk van overdracht is dat degene aan wie u uw rechten overdraagt, voortaan zeggenschap krijgt over het verdere gebruik van uw werk. Aan de overdracht van uw rechten kunt u (financiële) voorwaarden stellen.

Licentie
Als de maker zelf zeggenschap wil blijven houden over het verdere gebruik van zijn werk, kan hij volstaan met het geven van een licentie (= toestemming). Dat wil zeggen dat hij alleen toestemming geeft zijn werk op een bepaalde manier en/of voor een bepaalde termijn en/of in een bepaald (geografisch) gebied openbaar te maken of te verveelvoudigen. Het auteursrecht blijft daarbij in handen van de maker. Een licentie kan zowel schriftelijk als mondeling worden verleend. Schriftelijke vastlegging is wel beter, omdat dan makkelijker na te gaan is wat er precies is afgesproken.

Duur van auteursrecht
Auteursrecht eindigt pas na 70 jaar, te rekenen vanaf de eerste januari, volgende op het jaar waarin de maker is overleden. Dat verklaart waarom veel klassieke muziek vrij is van auteursrecht. Het is immers al langer dan 70 jaar geleden dat Mozart en Bach zijn overleden. Gaat het om een anoniem werk of om een onder pseudoniem verschenen werk of werk van een rechtspersoon, dan is de termijn van bescherming 70 jaar vanaf de eerste openbaarmaking van het betreffende werk. Auteursrecht wordt dus vaak geërfd. Als de auteur tijdens zijn leven zijn auteursrecht niet heeft overgedragen, dan erven zijn wettelijke of testamentaire erfgenamen zijn auteursrecht. Dit geldt niet voor de persoonlijkheidsrechten, deze vervallen na het overlijden van de auteur, tenzij dit anders bepaald is in een testament of codicil.

Beperkingen
Op de rechten van de auteursrechthebbende bestaan diverse beperkingen. Voor bepaalde vormen van gebruik is volgens de Auteurswet geen toestemming van de auteursrechthebbende nodig. De beperkingen zijn opgesomd in de wet. Zie: Naburige Rechten

Inbreuk
Tegen (al dan niet opzettelijke)(dreigende) inbreuken op zijn/haar recht, kan de auteursrechthebbende zich uiteraard verzetten. Inbreuk is bijvoorbeeld wanneer iemand zonder toestemming creaties verspreidt of verveelvoudigt, door het op Internet te zetten, af te drukken in een boek of kopieën te branden voor een ander. Men noemt inbreuk op auteursrechten ook wel piraterij of auteursrechtcriminaliteit. Als de maker zijn auteursrecht aan een ander heeft overgedragen, kan hij toch optreden tegen handelingen waarmee zijn persoonlijkheidsrechten worden geschonden. Wanneer uw verhaal zonder uw toestemming is gedrukt en op de markt gebracht, kunt u dankzij het auteursrecht verdere verkoop van uw boek verbieden en/of via een civiele procedure een vergoeding vragen voor de geleden schade. Dit geldt ook voor de componist die illegale CD’s vindt waar door hem gecomponeerde muziek op staat. In Nederland treedt de Stichting BREIN namens veel rechthebbenden op tegen inbreuk. Het Openbaar Ministerie heeft de mogelijkheid om bij opzettelijke inbreuken over te gaan tot strafrechtelijke vervolging. Sommige inbreuken worden zelfs als misdrijf beschouwd. Naast een geldboete van maximaal € 45.378,- kan de rechter een gevangenisstraf opleggen van ten hoogste vier jaar.